01 okt Front
Front
1 oktober 2013
We besloten dus af te wachten tot het frontje zou overkomen om dan, met de daarna naar west krimpende wind, richting Sydney te zeilen. Met een lekker zonnetje en nauwelijks wind gingen we ankerop en langzaam voeren we richting Gabo Island, de zuidoostkaap van Australië. Ook de ‘Europa’ was net ankerop gegaan en vlak naast elkaar voeren we langzaam vlak langs de kaap. Langzaam, want ter voorbereiding hadden we het schip helemaal dichtgereefd. De dreigende lucht achter ons beloofde de voorspelde verandering.
Het volgende moment stond alles op zijn kop. Uit het niets viel een muur van wind over het schip. Het ene moment nog was er een noordwestelijke wind van 5 knopen, het volgende moment een zuidwestelijke wind van 55 knopen. Nog voordat we iets hadden kunnen zeggen, knapten de bulletalie van de fok en het grootzeil en met een knal gijpten beide zeilen waarbij de gieken in splinters sloegen. De zee, zelfs hier dicht onder de wal bouwde snel op en met de hoge golven slingerden we van boord tot boord. Ondanks de gebroken giek durfden we de stagfok niet te strijken in deze wind. Maar gelukkig hield het zeil het en met man en macht borgen we het grootzeil en sjorden we de resten van de giek zeevast. Met alleen de stagfok liepen we 9 knopen. Zelfs toen we later het zeil toch streken, liepen we voor top en takel nog 7 knopen. De wind lijkt inmiddels over zijn hoogtepunt heen. We hebben een stormfok en een driedubbel gereefde bezaan gehesen en nu zelfs de zon doorkomt likken we onze wonden. Niemand is gewond geraakt en uiteindelijk valt het allemaal dus wel mee, maar we zullen heel wat werk hebben om in Sydney twee nieuwe gieken te maken.